Diagnostiek
Diagnostiek bij leerlingen in het basisonderwijs wordt ingezet wanneer er, ondanks planmatige ondersteuning, aanhoudende zorgen bestaan over het leren, gedrag of de ontwikkeling van een leerling, en er behoefte is aan verdiepend inzicht om het onderwijs en de begeleiding passend vorm te geven.
Intelligentieonderzoek
Intelligentieonderzoek wordt aangevraagd om een reëel beeld te krijgen van de verwachtingen die ouders en betrokkenen van school mogen hebben ten aanzien van de leerresultaten van de leerling. Bovendien is inzicht in het cognitieve profiel helpend om de onderwijsbehoeften van een leerling beter in kaart te brengen.
Bij intelligentieonderzoek wordt meestal gebruik gemaakt van de WISC-V-NL. Dit is een algemene intelligentietest waarmee het cognitief functioneren van kinderen van 6
tot 17 jaar vastgesteld kan worden. De WISC-V-NL bestaat uit verschillende subtests die elk een ander aspect van de intelligentie meten. Door middel van afname van de WISC-V-NL wordt inzicht verkregen in aangeleerde kennis, begrip, probleemoplossend vermogen, het werkgeheugen en de verwerkingssnelheid. Bovendien wordt een beeld verkregen over werkhouding (zoals inzet en motivatieaspecten), de wijze van informatieverwerking (denk- en leerstrategieën) en de mate van concentratie.
In plaats van de WISC-V-NL wordt, afhankelijk van de leeftijd van de leerling en de hulpvraag, gebruik gemaakt van de volgende intelligentietesten; WPPSI-IV-NL, SON 2-8, SON-R 6-40 en de KIQT+.
Persoonlijkheidsonderzoek
Persoonlijkheidsonderzoek richt zich op het in kaart brengen van karaktereigenschappen, gedrag en sociaal en/of emotioneel functioneren. Bij kinderen op de basisschool wordt persoonlijkheid gezien als in ontwikkeling en beïnvloedbaar. Het doel van dit onderzoek is om de leerlingen beter te begrijpen en te kunnen ondersteunen en is niet gericht op het stellen van een diagnose (classificeren). Concreet is het doel om op basis van de resultaten van het onderzoek het onderwijs af te kunnen stemmen op de onderwijsbehoeften van de leerling, zodat hij/zij zich optimaal kan ontwikkelen.
Persoonlijkheid wordt meestal gemeten door gebruik te maken van een combinatie van methoden. Denk aan:
- Observaties
- Vragenlijsten ingevuld door leerkracht(en) en/of ouders(s) en/of de leerling
- Gesprekken met leerkracht(en) en/of ouder(s) en/of de leerling
Dyscalculieonderzoek
Dyscalculieonderzoek is een diagnostisch traject waarbij wordt onderzocht of er sprake is van ernstige en hardnekkige rekenproblemen. Door middel van gesprekken, dossieranalyse en psychologisch en didactisch onderzoek wordt in kaart gebracht hoe het rekenen verloopt en wat de onderliggende oorzaken zijn.
Op basis van de bevindingen wordt vastgesteld of er sprake is van dyscalculie en wordt een verslag opgesteld met een eventuele diagnose en passende adviezen voor begeleiding en ondersteuning.